Delen kan via je browser. Dank daarvoor !

Teer guichelheil
Anagallis tenella

Goed te herkennen aan
de tere, zachtroze tot bijna witte bloemetjes, met 5 donker geaderde kroonbladen tussen lage vegetatie.



Bloeiperiode vanaf juni t/m augustus.
Zeer zeldzaam, op de rode lijst.
Hoogte 5 tot 20 cm.
Doorsnede van de bloem 5 tot 10 mm.



Teer guichelheil groeit op open plaatsen met natte tot vochtige, al of niet kalkhoudende grond in duinvalleien, in moerassige heiden en lage graslanden. Onder de juiste omstandigheden kan ze snel uitgroeien en is dan zodenvormend.



De helmdraden zijn dicht en lang wit behaard.



De bladeren zijn kort gesteeld, rond tot eirond en staan tegenover elkaar.



De bloemen staan op vrij lange, slanke, draadvormige stelen in de bladoksels.


Vergelijkbare soorten :

Naast teer guichelheil zijn er in Nederland ook blauw en rood guichelheil, door hun kleur makkelijk te onderscheiden van teer guichelheil. Een ander laag blijvend, zoden vormend plantje met roze/witte bloemetjes is melkkruid. De bloemetjes van melkkruid zijn compacter, zien er steviger uit en hebben geen steel. Melkkruid groeit voornamelijk op brakke tot zilte plaatsen.





Bewerkte botanische illustratie van
teer guichelheil (Anagallis tenella).
Het origineel is van J. Kops et al.; Flora Batava, vol. 13: t. 1028 (1868).



Delen kan via je browser. Dank daarvoor !