327 inheemse, verwilderde en ingeburgerde soorten, geïllustreerd met ruim 3000 foto's
  
"Onkruiden zijn ook bloemen wanneer je ze beter leert kennen." Winnie de Poeh

  home        soortenlijst        sleutels        links       stats        bron        contact        copyright
   
 Tripmadam Sedum rupestre
   
vorige   
volgende   
Goed te herkennen aan
- de helder gele bloemen in een vrij dichte tuil aan het einde   van de stengel én
- de (bijna) ronde, grijs- of blauwgroene, dicht bij elkaar   staande, spitse bladeren aan niet bloeiende stengels

Algemeen
Tripmadam is een overblijvende plant van 15 tot 30 cm hoog. Ze is zeldzaam in het rivierengebied en de aangrenzende gebieden en zeer zeldzaam in Zuid-Limburg.

Ze wordt ook aangeboden als tuinplant en verwilderd vanuit tuinen naar plaatsen waar je haar niet zou verwachten.
Ze staat op de rode lijst als zeldzaam en sterk afgenomen.
Ze groeit op open, droge, kalkarme zandgrond, voornamelijk op rivierduinen en zandige dijken, ook op stenige plaatsen, zoals in de spleten van basaltglooiingen.

Bloem
Ze bloeit in juni en juli met helder gele bloemen, die aan het einde van de stengel een vrij dichte tuil vormen. De bloemen hebben 5-8 (meestel 6) duidelijk gekielde kroonbladen, die 2 tot 2½ keer zo lang zijn als de vlezige kelkbladen.

Blad en stengel
De lijnvormige, (bijna) ronde bladeren zijn grijs- of blauwgroen en staan dicht bij elkaar aan niet bloeiende stengels. Aan de bloeiende stengels staan ze verwijderd.
Tripmadam is zodenvormend. Uit de wortelende, liggende stengels groeien korte, niet bloeiende, liggende tot opstijgende stengels en langere, verticale, bloeiende stengels.

Vergelijkbare soorten
zacht vetkruid
muurpeper
tripmadam

:
:
:

bloemen kleiner dan 10 mm, de blaadjes hebben geen peperachtige smaak en zijn lijnvormig.
bloemen 10 - 14 mm, alle bloemen 5-tallig, plat driehoekig, schubachtig blad, peperachtige smaak.
bloemen 14 of 15 mm, schermen met 5- tot 8-tallige bloemen met gekielde kroonbladeren en grijs- of blauwgroene, lijnlancetvormige, halfronde, spitse bladeren.

Algemeen
- vetplantenfamilie (Crassulaceae)
- overblijvend
- zeldzaam voorkomend
- ook als tuinplant
- 15 tot 30 cm

Bloem
- geel
- juni en juli
- tuil
- stervormig
- 14 tot 15 mm
- 5-8 kroonbladen, niet vergroeid
- 5-8 kelkbladen
- 10-16 meeldraden
- 5-8 stijlen

Blad
- verspreid
- enkelvoudig
- lijnlancetvormig, (bijna) rond
- top spits
- rand gaaf
- voet afgerond
- zonder nerven
- vlezig

Stengel
- liggend of rechtop
- kaal
- rolrond

Bewerkte botanische illustratie van
tripmadam (Sedum rupestre).


  Copyright ontwerp, tekst en foto's Lidy Poot, eigenaar van www.wildebloemen.info 2009 - 2018
Mobiele versie !!

De mobiele versie van deze site staat online. Nog niet volledig ingevuld maar al wel bruikbaar voor een snelle determinatie.
Onderaan elke pagina op de mobiele site kun je kiezen voor de desktopversie, mocht je die liever bekijken. Vanaf de desktopversie kun je op een aantal pagina's switchen naar de mobiele versie. Rechtsboven bij "vorige volgende" staat dan een link.

Vraag deze site op je mobiel op (je wordt automatisch doorgestuurd naar de mobiele versie) en plaats hem bij je favorieten of maak een sneltoets op je startscherm.
Makkelijk voor onderweg tijdens wandeling of fietstocht!